Wie prentjes wil: ditmaal heb ik een powerpointpresentatie gemaakt. Klik hier om ze te downloaden (best rechtermuisknop: opslaan als...).
De bus gaat slechts tot Hemavan, en toevallig moet ik nog een dorpje verder zijn. Een kort maar uiterst efficiënt gesprekje met de sympathieke buschauffeur levert op dat hij mij (als enige passagier) afzet in Hemavan, in zijn bus blijft wachten tot ik mijn eten heb ingekocht, en me vervolgens nog 7 km verder afzet, in een gehuchtje genaamd Klippen. Het is acht uur, ik heb nog net de tijd om mijn tent op te zetten en te koken alvorens de wolkenhemel verduistert in de nacht.
Naar gewoonte, al zeg ik het zelf, heb ik mijn bestemming zorgvuldig gekozen. In Artfjället staan enkele Lappenhutjes, maar daar blijft het bij. Geen toeristenhutten, geen brugjes, geen paadjes. Wel bosbessen naar believen, en voor het eerst krijg ik ook eens arctische frambozen te smaken, of hoe Rubus chamaemorus dan ook moge heten in het Nederlands. Wat ik nog te zien krijg: veel rendieren, verscheidene lemmingen, enkele grote woelmuizen of iets in die stijl, valken, buizerds, tapuiten, graspiepers, bruinkopmees (?), grote barmsijzen, een vos, blauwborst, nog vogels, en als hoogtepunt ook nog twee mannetjeselanden op een overzichtelijke afstand. Tot mijn verrassing stond er ook nog een en ander in bloei. Iedere dag kwam de zon er wel een poosje door. Als het dan toevallig windstil is en de muggen houden zich gedeisd, dan weet je dat je nooit meer terug naar de beschaving wilt. Maar laat het dan enkele uren stevig regenen, hagelen en smeltsneeuwen, en je ben blij dat je na drie dagen weer asfalt in zicht hebt. Wanneer ik ´s morgens vroeg opsta om de bus terug naar Umeå te nemen, zijn de bergtoppen bedekt onder een laagje sneeuw.